Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet als een verlies voor de stad te beschouwen, en in plaats van deze de bevolkingsagglomeratie aan een beschouwing te onderwerpen. Maar dat zou onjuist zijn.

In de eerste plaats staat in vele dorpen de kern der bevolking, die zich met landbouw, veeteelt of visscherij bezig houdt, nog veelal buiten de agglomeratie.

Verder stammen vele immigranten in deze dorpen, die de forensenplaats als luxeplaats beschouwen, dikwijls niet uit de metropolis. En veelal ook de personen niet, die van elders naar een dergelijke gemeente komen, omdat zij nijverheid op haar grondgebied kent of als verbruikende gemeenschap een vrij groot arbeidsveld biedt. Het forensendorp is derhalve niet uitsiuitend een deel der agglomeratie. ')

Door de vermindering van de vestiging en de daarmee veelal gepaard gaande vermeerdering van vertrek is het vestigingsoverschot in vele steden aanzienlijk gedaald. Het bedraagt:

Gemeente j 1889/1899

in 's-Hertogenbosch 0,9 °/0

^Tilburg | 0,7 „

') Vergelijk ook: Von Mayr in Die Groszstadt,p.73 : „Der Bevölkerungsstatistiker musz deshalb mit den Zahlen des groszstadtischen Verwaltungsgebiets operieren."

Sluiten