Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der fabrieksstad een zekere hoogte bereikt heeft, zet de grootindustrie er zich niet meer uit, maar heeft zij eerder de neiging de stad te verlaten om elders een lage grondrente en goedkoope arbeidskrachten op te zoeken en nieuwe steden te vormen.

Blijft een dergelijke gemeente louter fabrieksplaats, en verandert zij zich niet in een veelzijdig centrum, verkrijgt zij geen andere aantrekkingspunten, dan vermindert uit den aard der zaak de vestiging en stijgt het vertrek. „Reine Arbeiterstadte", zegt Sombart, „ragen selten über das Niveau einer Mittelstadt hinaus." ») Gelijk het vestigingsoverschot na een tijdperk van aanzienlijke stijging te Tilburg tot stilstaan kwam, zal dit ook in de overige fabriekssteden waarschijnlijk binnen korten of langen tijd van weinig of geen beteekenis zijn.

De overige gemeenten van deze groep vormen de oude handelssteden, waar de nijverheid zich ontwikkeld heeft, en die middelpunten van het sociaal en geestelijk leven in Nederland gebleven zijn. Amsterdam en Rotterdam vallen in deze groep.

Vele achten, dat de tegenwoordige daling van het vestigingsoverschot eerlang zal ophouden,

:) Der moderne Kapitalismus, Bd. II, p. 216.

Sluiten