Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor ons zou God niet bestaan, wanneer er geen schepping ware, daar overeenkomstig onze natuur de bovenzinnelijke waarheden voor ons geen werkelijkheid kunnen worden, wanneer zij niet worden belichaamd in materieelen vorm.

Nu is de schepping het groote symbool en sacrament van zijne Tegenwoordigheid; immers, wanneer er geen licht ware, geen zonneschijn, geen zee, geen nationaal en huiselijk leven, wanneer er in één woord geen stoffelijk getuigenis aanwezig ware van zijn Wezen, dan zou Hij zoo goed als niet voor ons bestaan. Maar de schepping geeft ons Hem als 't ware; Hij, die eeuwig in zichzelven bestaat, wordt door haar eene werkelijkheid voor ons1).

Zoo is dan deze wereld de vorm, waarin de Godheid de veelvuldigheid van haar Wezen in wijsheid en schoonheid openbaart -).

De schoonheid van de schelp, van de bloem, die in het veld groeit, toont ons de teedere Goddelijke Liefde; de Kracht, welke de oorzaak is van de eeuwige wisseling van het water, is de machtige beweging van het ééne levende Zijn; het instinct, dat de vogels ten bestemden tijde in lange rijen door het luchtruim doet vliegen is eene openbaring van de Goddelijke Orde en Wijsheid, die in hen aanwezig is, al zijn zij er zich zelf niet van bewust3).

Maar de meesten beseffen deze waarheid niet, al hebben zij ook geleerd te spreken over de schoonheden der natuur; feitelijk is deze hun slechts eene doode, ziellooze machine, waarom zij zich liever begeven „to the more congenial atmosphere of the ballroom", waar men beter het "ware" leven kan vinden 4).!

Voor Robertson echter was de natuur voortdurend een bron van groote bemoediging en kracht. Herhaaldelijk vinden wij dan ook in zijne brieven de bewijzen, en hij zegt het meermalen met zooveel woorden, dat, als hij niet voldoende met de menschen kan sym-

!) Sermons II, pp. 68 , 69.

2) I, p. 327.

3) » V, p. 290; zie ook bv. Sermons I, p. 3, II, pp. 151-153.

Life and Letters, p. 262.

4) Sermons V, p. 290.

Sluiten