Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De scheikunde heeft van de omzettingen, die onder den invloed van het zonlicht geschieden, ook andere voorbeelden doen kennen dan de geheimzinnige reactie die zich in de plantence! afspeelt.

Daarbij oefent van alle lichtsoorten het zonnelicht verreweg de krachtigst chemische werking uit; toch vertoont ook kunstlicht een soortgelijke werking, al is deze veel zwakker. Het licht van een gasvlam veroorzaakt wel de langzame vereeniging van chloor met waterstof, wanneer deze gassen zuiver zijn en in gelijke volumina met elkander gemengd worden, maar chloorzilver wordt onder dienzelfden invloed niet zwart. Echter wordt dit weer wel bewerkt door Drummond's kalklicht.

Het is voor den apotheker, wiens geneesmiddelen vaak meer belicht worden door kunstlicht dan door daglicht, dus wel van belang om den invloed te kennen, dien ook dat kunstlicht uitoefent op de geneesmiddelen, eveneens om te weten of het bruine (zoogenaamd anactinische) glas wel voldoende beschutting geeft bijv. tegen het gasgloeilicht.

Als algemeene regel geldt, dat de hoeveelheid arbeid die door het licht in den vorm van chemisch arbeidsvermogen wordt geleverd, evenredig is met de sterkte van de lichtbron en met den tijd gedurende welken verlicht wordt.

Terwijl het zonnelicht van alle lichtsoorten zeker de sterkste chemische werking uitoefent, is van te voren niet direct te zeggen, welke soort stralen in een bepaald geval het krachtigst inwerken. In het algemeen zijn de

Sluiten