Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Den coëfficiënt m in deze formules zullen we de massa van het electron noemen, hij heeft natuurlijk voor een deel zijne waarde te danken aan de bovengenoemde electrische kracht, die het deeltje zelf te weeg brengt, we zullen in het midden laten of het electron overigens nog eene „ware" massa heeft, evenzoo zullen we niet verder ingaan op de oorzaak van den term met den coëfficiënt jil); af, a>;, «£ zijn de componenten der kracht, die het electron naar zijn even wichtsstand trekt en — e is de lading van het negatieve electron. Wij zullen m, e, P en o als constanten beschouwen.

Uit de formules (21) blijkt, dat ook bij afwezigheid van een uitwendig electrisch veld het electron eene bepaalde beweging zal kunnen hebben; wegens den term evenredig met de snelheid, die eene wrijving voorstelt, zal deze, al is nog zoo klein, op den duur worden uitgeput. We zullen aannemen, dat [1 zeer klein is, zoodat in de meeste gevallen de termen, die dezen coëfficiënt bevatten kunnen worden verwaarloosd.

Wanneer een component der electrische kracht voortdurend nul is, kunnen we zeggen dat ook de overeenkomstige component der uitwijking voortdurend nul zal zijn.

Het verband tusschen §, £ en de componenten van p is zeer eenvoudig. Wij kunnen in (17') de integralen opvatten als sommen van integralen, elk uitgestrekt over één der electronen, die het deeltje bevat. Zijn nu voor een punt van het negatieve electron de coördinaten in den evenwrichtsstand x0, y0, z0, dan

') Wanneer men de electronen-theorie zelfs wil gebruiken om de grondslagen der geheele mechanica af te leiden (zie b. v. Wien: Lorentz-gedenkboek, pag. 96), den mag men eene ware massa niet aannemen en ook niet den coëfficiënt (9 verklaren als het gevolg van eene wrijving tusschen electron en molecuul (vgl- hierbij ook Abraham Ann. der Phys. 10, 1903, pag. 108 en 109.) Dit laatste is stellig slechts eene ruwe voorstelling. In de verslagen der K. A. v. W., deel VI, vindt men eene theorie van Lorentz, waar de absorptie wordt verklaard door den invloed van de botsingen der moleculen op de beweging der electronen. Schrijft men den term met j? alleen toe aan de werking van de lading van 't deeltje zelf, dan is ze te klein om bij de abnormale dispersie de absorptie te verklaren (zie echter Planck Sitzungsberichte der K. P. A. d. W , 21 April 1904).

Sluiten