Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 3. Behandeling van Lippmann.

Lippmaim ') heeft eene berekening gegeven over een medium dat zeker veel meer met de photographieën overeenkomt, maar dan ook veel ingewikkelder is. Hierbij is liet reflecteerend vermogen periodiek veranderlijk in de richting der lichtvoortplanting. Werkelijk moet de bewerking die de laag ondergaan heeft het reflectievermogen, dat eene functie is van den brekingsindex wijzigen en wel meer op de plaatsen waar een buik dan op die waar een knoop der staande golven gelegen heeft. We zullen dus moeten aannemen dat dit reflectievermogen eene functie van «is — als we de X-as weer loodrecht op de grensvlakken der plaat zetten — en eene periode heeft gelijk aan de halve golflengte van het licht waarmee de plaat oorspronkelijk belicht was. We beschouwen het geval dat de bewerking met homogeen licht is verricht.

Lippmann stelt voor het terugkaatsend vermogen:

/0. „ 2jt x >

Q = e <P (Sin —7j—), (2)

waarbij /. de bedoelde golflengte voorstelt; het YZ-vlak is gedacht in het grensvlak der plaat; <p stelt eene niet verder bepaalde functie voor en wel is o aangenomen als eene functie 2 JT cc

van Sin1—^, omdat deze grootheid evenredig is met de

intensiteit die in het beschouwde punt werkzaam is geweest, tevens blijkt dan uit formule (2), dat o de halve golflengte tot periode heeft; e is eene constante, die door de wijze van ontwikkeling en andere omstandigheden der proef wordt bepaald.

Beschouwen we nu weer 't geval, dat op deze plaat wit licht valt en dat we het teruggekaatste licht waarnemen en vestigen we onze aandacht op een der homogene deelen waarin we dit gesplitst kunnen denken. Zij de golflengte daarvan

•) .Tournal <le Physique 3 (III; 1894, p. U7.

Sluiten