Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Buceri scrmonibus saevitiam, propre dixerim, qui omnino contcndit, nihil prorsus illis non adimendum. Ego contra obsisto, quod inspectore Deo agendum, qui veritatem nobis sacrosanctam esse vult, et tarnen de erroribus per omnia abjurandis censere hactenus noluit. Solet (D. MüllE) dicere: vom glauben zu urtheilen ist mir zu hoch, illud specto ne quid obstrepam politiae. Ceterum exigere fere solent haec tria: I. Ne palam traducant verbum. 2. Ne in clanculariam ecclesiam inter se coëant. 3. Iusjurandum politicum ne detrectent, sed more civili jussis magistratus pareant. Quorsum enim attinet urgere reliqua et frenum injicere spiritui. Nobis ut adversentur, facile permitto, modo publicam pacem ne conturbent. Virtute verbi et officiis nostris reliqua facile conficiemus : neque dubito apud nos omnia fuisse pridem tranquillissima, si accuratius introspexissemus conscientias hominum; iam saepe res geritur non aliter, ac si propliana caussa esset, per eos, qui aliorum praejudiciis connixi, facile damnant, quod ignorant, quos a curso immoderato retinere frustra tentavi hactenus.«•) Dat Capiïo zoo afkeerig was van alle gewelddadige maatregelen tegen de Doopsgezinden, kwam niet alleen uit verdraagzaamheid voort, maar is, zooals ik reeds vroeger opmerkte, vooral daaraan toe te schrijven, dat hij zich aan sommigen van hen, met name aan Sattler's volgelingen nauw verwant gevoelde, 't Bleek ons dan ook reeds, hoe de omgang met hen eene belangrijke verandering in vele zijner beschouwingen heeft gebracht. Ook zijne leer van de Kerk schijnt zich onder hun invloed te hebben gewijzigd. Om dit duidelijk te maken, is het noodig de opvatting van kerkelijke gemeenschap, die zich in de Straatsburger staatskerk belichaamde, tegenover de Doopsgezinde te stellen. De Straatsburger kerk

') Deze brief staat ia Thes. Baum.. VI, p. 53 gedateerd 153maar Bavm zelf merkte reeds »in margine« op, dat dit jaartal onmogelijk juist kan zijn. Gerbert, l.c.. s. 85 plaatst hem in 1528, maar toen was Nicoi.aus Kuyiiisz en niet Daniël Mühe Ammeister, vergel. Z. h. Th., 1860, s. 42. De laatste bekleedde dit ambt o.a. in 1530, Zv>. oppVIII, p. 393. Moet de brief misschien in dat jaar gesteld worden?

Sluiten