Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aequo tribueret nee succederet quod conaretur, nobis veritatem Christi illis cedere non potentibus, sibi supra modum displicere coeperat identidem ingemitans, se a Domino rejectum, nulluin esse sui in Ecclesia usum et huiusmodi.» ')

Die zwaarmoedigheid was nog verergerd, doordat hij in het begin van November 1531 :) plotseling zijne vrouw verloor. Zooals butzer zeer juist inzag, zou alleen arbeid van beteekenis in eene andere omgeving, die inspanning van al zijne krachten eischte, Capito kunnen ontrukken aan zijn somber gepeins en zwaarmoedig getob, die dreigden zijne gezondheid van lichaam en geest geheel te ondermijnen. Niets zou hem zonder twijfel meer opbeuren en verkwikken, dan wanneer hij zelf met zijn deelnemend en liefdevol gemoed geroepen werd anderen in hun leed en ongeluk te troosten en op te richten. Daarom had butzer hem bewogen tot een rondreis door de Zwitsersche steden, die door den dood van ZwiNGLI en oecolampadius (11 October 15 31 was ZwiNGLI bij Kappel gesneuveld, 24 November was Oecolampaüius onverwacht op 't ziekbed bezweken) in rouw en verslagenheid waren gedompeld.

Bovendien achtte butzer het voor zijn ambtsbroeder hoogst wenschelijk, dat hij eens een tijdlang verwijderd zou zijn uit de kettersche omgeving in Straatsburg, waarmee hij nog steeds betrekkingen onderhield. Dat hem Capito's verhouding tot de Doopsgezinden nog veel bekommernis veroorzaakte, blijkt wel uit zijn brief aan blaurer van 29 December 1 531 : »Successum illum tuum contra Anabaptistas ecclesiae Christi vehementer gratulor. Conferendi facilitate ■■>) nos hactenus destituti sumus. Spero necessitatem ipsam rerum nostrarum nostrum senatum, ut hic nos iuvet, compulsurum. Capitonis diversa in quibusdam sententia, et iis maxime quae cum

') Uit Butzer's brief aan Ambk. Blaurer van 26 Februari 1532, bij Rohrich, Gesch. d. Kef. i. E., II, s. 78.

*) Grynaeus aan Butzf.r, 12 November 1531, Thcs. Baum., IV, p. 176. 3J Facultate r

Sluiten