Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van HofmaNN's geschriften uit 1532,1) dat God Straatsburg heeft uitverkoren om het nieuwe Jeruzalem te zijn. Maar eerst moeten de zeven engelen des toorns het pausdom te gronde richten en de vernietiging van Babyion met al zijn aanhang voleindigen. Daarna zal Straatsburg worden belegerd, maar door de hulp van twee christelijke koningen worden verlost. Dan zal de overheid dezer stad de banier der gerechtigheid oprichten en zullen de 1^^.000 boden, door den pinkstergeest bezield, van Straatsburg uit het zuivere Evangelie en den waren doop ovér den ganschen aardbodem verbreiden. Aan hunne krachten, teekenen en wonderdaden zal niemand weerstand kunnen bieden. Zij zullen bijgestaan worden door de beide getuigen des Heeren, Elia en Henoch, die zullen zijn als twee fakkels, in staat om met het vuur, dat uit hun mond stroomt, hunne vijanden te verteren en de aarde te verderven.

Toch zou men HOFMANN verkeerd beoordeelen en hem onrecht aandoen, als men geloof sloeg aan CAPITO's beschuldiging, dat hij zijne aanhangers zou hebben opgezet tot ongehoorzaamheid aan de overheid en aangespoord tot uit-

o

roeiing van »den Bapistischen, Lutherischen und Zwinglischen Haufen». Het is waar, dat HoFMANN zeer dreigende profetieën heeft uitgesproken van »de harde wraecke Godts«, die de blinde leidslieden, de goddeloozen e. a. zou treffen, maar hij meende dit te moeten doen op grond van uitspraken der Schrift, wier woorden hem boven alles gingen. De voltrekking dier straf liet hij echter aan God over.

Dat Hofmann zelf volstrekt geen omverwerping van de maatschappelijke orde beoogde, blijkt duidelijk uit zijn nog in 1533 uitgesproken oordeel over de wereldlijke overheid, die volgens hem door God is ingesteld, en waaraan elk Christen in alles, wat niet tegen God is, onderdanig moet

i) Das freudenrichc zeucknus vom worren friderichen ewigen evangelion. Van

dit boekje, dat in 1870 bij de beschieting van Straatsburg is verbrand, heeft

Cornklius den korten inhoud meegedeeld, l.cIï. S 224. Vergel ook* Vergicht Memorial 29 Mei 1533? Wj Röhbich, Z. h. Th1860, S. 7°«

Sluiten