Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar daar zij had bemerkt, dat de verbannenen weer in de stad slopen en toch door de burgers geherbergd werden, had zij besloten degenen, die na hunne verbanning in haar gebied gegrepen werden, vier weken lang op water en brood in den toren gevangen te zetten, hun, die voor den tweeden keer werden gevat, de vingers (waarmee zij gezworen hadden) af te hakken of hen in het halsijzer te zetten en hun een gat in de wang te branden. Wie het dan nog weer waagde terug te komen, dien wachtte de dood door verdrinking.

Om meer zekerheid te hebben dat de uitgewezenen zouden wegblijven, liet zij hun voortaan voor hun vertrek het volgende artikel voorlezen: »Nachdcm du des Wiedertaufs und anderer Secten, so uns in unserer Stadt und Obrigkeit nit zu dulden, behaftet zu seyn verdacht gewesen, deshalb zu unserer Gefangnusz kommen und darin verhort und bericht worden bist, aber dich deines Irrthums nit berichten lassen, noch auch davon abstehen willst, so solist du schwören zu Gott dem Allmachtigen, dich usz unserer Stadt und deren Obrigkeit und Herrlichkeit zu thun, dahin nit mehr ohn unser Erlauben, Wissen und Willen zu kommen bei einer Leibesstraf.? ') Deze maatregel had echter niet de gewenschte uitwerking, daar velen bezwaar maakten tegen het afleggen van zulk een eed. Zij plachten te zeggen: »das Erdreich sey des Herrn« 2); niet de overheid, inaar God is de Heer van het land, daarom heeft zij niet het recht iemand uit haar gebied te ver-

') Iiij Röhricii, Z. h. Th., 1860. S. 113.

s) «1541 —1542 Die widertaufferische versamlungen werden aber hien und wider alhier gehalten und mehren sich dieselbigen. Einer sagt: die erdt sey des herren, und hab niemaudts disz oder jenes ort zu verbiethen macht», I, fol. 305 v°. In het uittreksel uit het YViedertauferherrenprotocol staat onder 26 Juli 1546: »Jorg Norlinger, ein Widertauffer und ein Vorsteher (der hoffmannischen secten) so iiber das er vormals in Mhlin haft kommen und der stadt verwieszen worden, aber darüber wider herein kommen und derhalben zu hafft genommen worden, verhort, sagt: seye wahr dasz Ihm vormals die Stadt verbotten worden, er sey es aber nit zu halten schuldig, das erdreich sey des Herren«. Ook in de verhooren te Zürich (zie EgLI) komt dit herhaaldelijk voor.

Sluiten