Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijne besluiteloosheid en kleinmoedigheid hem weerhielden van zich openlijk bij haar aan te sluiten. Het feit, dat de Doopsgezinde beweging in eene stad als Straatsburg, die een middelpunt van reformatorisch leven is geweest en die in Duitschland na Wittenberg voor de Hervorming de grootste beteekenis heeft gehad, >) zulk een diep gaanden invloed heeft verworven, bevestigt de steeds meer veld winnende overtuiging, dat wij hier te doen hebben >met een geestelijke strooming, die diep in de groote godsdienstige beweging van den hervormingstijd heeft ingegrepen.< *)

Daarbij dringt zich van zelf de vraag op, of het Anabaptisme in de hervormingseeuw is ontstaan, een telg is van de Hervorming, dan of het reeds van ouderen oorsprong is en moet beschouwd worden als de voorzetting van reeds vroeger bestaande sekten, die dan alleen tengevolge van de algemeene beweging der geesten in dien tijd tot nieuw leven zijn ontwaakt.

Het vermoeden van Ritschl, 3) dat de Doopsgezinden zijn voortgekomen uit de kringen der middeleeuwsche Tertiariers, de wereldlijke leekebroeders der Franciskanerorde, is als te onwaarschijnlijk algemeen verworpen. Ernstiger overweging verdient de meening van KeLLKR, aan wien het te danken is, dat het Anabaptisme in de laatste vijfentwintig jaren zoo veel beter bekend en meer gewaardeerd is geworden. \ olgens hem is het de voortzetting en herleving van het oude, zuivere Christendom der eerste drie eeuwen, dat verdrongen

l) «Extra Witembergam.« schreef Butzkr Juiii 1540 aan de Hemer predikanten, »haud ita multae ecclesiae sunt praeter nostram, ul.i et ministri et magistratus curam suam longe ultra et suos et quos nunc habent extendant, si cuique ecclesiae res sua salva esse vi.leatur. I)e aliis ecclesiis, aut etiam posteritate, non valde sollicitas videas. Nostram itaque esse inerito arbitrainur, ut demus operam 11e id studii pro aliis et futuri» «oclesiis, quod dominis (lees: Domiuus) dedit. exstinguatur, et hoe qualecunque instituimus seminarium sacri ministerii dilabatur.* Cab. XI. Nr. 22.». I)e Zuricher predikanten noemden in een brief aan Cai.vi.tn van 4 April 1541 Straatsburg het Antiochie van den hervormingstijd: «Antiochia quaedam Argentina est,« Cu/v. ,■//.. XI, \r. 294. 5) S. Ckamkr, Dvopsg. Bijdr., l^Oj, bl. 151.

3) Kitsch[, Gtsch. J. Pictismus, 18S0, I, S. jo iï.

Sluiten