Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aangezien eerst onderzocht zal worden de aansprakelijkheid jegens derden, naar geldend recht, is de ~e alinea van art. 45 \\. v. K. van bijzonder belang.

Het luidt daar algemeen: indien zij echter eene of andere der bepalingen van de akte of van de nadere veranderingen in de voorwaarden overtreden, zijn zij jegens derden, ieder hoofdelijk en voor het geheel, aansprakelijk voor de schade, welke die derden daardoor hebben geleden.

„Algemeen" — immers bestuurders kunnen op verschillende wijzen de statuten overtreden:

1° kunnen zij met derden contracten aangaan ten name der vennootschap, waartoe zij volgens de statuten niet bevoegd zijn — zonder dat ze daarbij de vennootschap benadeelen;

11" kunnen zij anti-statutaire handelingen verrichten, waardoor de vennootschap zelve in de eerste plaats benadeeld wordt en daardoor ook middellijk derden, crediteuren der vennootschap.

Op welke statuteuovertredingen slaat nu art. 45, al. 2 ?

Ter beantwoording dezer vraag moet nagegaan worden onder welke omstandigheden art. 45, al. 2, zooals het thans luidt, ontstaan is.

Zonder te willen treden in eene gemotiveerde uitspraak over de al dan niet wenschelijkheid der, voor de oprichting eener naamlooze vennootschap vereischte, Koninklijke goedkeuring, wil ik mijn historisch overzicht \ an art 45 aanvangen met er op te wijzen, dat

Sluiten