Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„De zorg der Regeering (aldus Voorduin hl. 173) is derhalve, uit haren aard, te dezen tweeledig, en zij

behoort te waken voor het belang der deelnemers

en voor dat der derden, dte mei de maatschappij handelen." ')

Door het bekende adres der Amsterdamsche kooplieden, de geschriften van Mr. van Hall, en het verzet in de 2c Ivamer werd de Regeering gedwongen, in haar Ontwerp van 1 April 1885 eenen middenweg te kiezen. „Men is aan den éénen kant wel overtuigd, dat een doorgaand toezicht der Regeer in fr, en het voorbehoud om, bij overtreding der statuten, de sanctie te hunnen intrekken, zeer nuttig kan zijn; maar aan den anderen kant heeft men vermeend, aan het voorschreven geopperde denkbeeld te kunnen toegeven, indien zulks gepaard gaat met de bepaling, dat de bestuurders, bij overtreding der statuten, het voorrecht van naamloosheid der vennootschap zullen verliezen en hoofdelijk voor het geheel zulten aansprakelijk zijn." - (Men bedenke, dat ten aanzien der aansprakelijkheid van bestuurders tot op dat oogenblik nog geene andere bepaling bestond dan zooals die ook in het Ontwerp van 20 Oct. 1815 art. 13 (en in liet Ontwerp van 1822 art. 30) luidde: Ie al. „De bestuurders en de commissarissen zijn niet verder verantwoordelijk, dan wegens de uitvoering van den last, dien zij ontvangen hebben. lle al. „Zij worden ter zake hunner

') Zie ten aanzien dezer laatsten: Voorduin b!. 174. 2) Mem. v. Toe!, bij Voorduin bl. 204.

Sluiten