Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

antistatutaire handelingen, waardoor derden middellijk schade lijden, doordat de vennootschap zelve is benadeeld. ')

Ik kan dan ook niet erkennen, dat art. 45 al. 2 iets van doen heeft met die derden, met welke bestuurders ten name der vennootschap een antistatutair contract aangaan. De verhouding, die tengevolge van deze overeenkomsten tusschen bestuurders en derden ontstaat, is er eene, die niet onmiddellijk door het vennootschapsrecht wordt geregeld. Welke rechten in dat geval de derde zal hebben, wordt m. i. beslist door toepassing der algemeene bepalingen van lastgeving.

We zagen reeds vroeger 2), hoe de publicatie van statuten onder meer ten doel heeft om aan derden kenbaar te maken, door welke handelingen de bestuurder de vennootschap rechtens niet kan binden. Door zich niet te vergewissen, of de bestuurder tot het concrete contract slechts voorwaardelijk bevoegd of volstrekt ongerechtigd is, neemt de derde het risico op zich, dat de vennootschap de nakoming van het contract, als tegenover haar zonder rechtskracht zijnde, zal afwijzen.

Maar is nu door het feit, dat de statuten gepubliceerd zijn en dus een derde zou kunnen weten of de

1) Men zie de Mem. v. Toel. (Ontwerp 1870) op art. 27: „Zij zijn, zoowel jegens de vennootschap als jegens derden hoofdelijk gehouden tot vergoeding van kosten, schaden en interessen, voor elke daad of nalatigheid in strijd met deze wet of met de statuten der vennootschap."

2) BI. 72 vlg.

Sluiten