Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dit middel om den bestuurder, die een antistatutair contract sloot, aan te spreken, ontleent de derde, naar mij schijnt, aan liet gemeene recht; de geschiedenis van art. 43, al. 2 K., gewaagt met geen woord van de schade door eenen derde tengevolge daarvan seleden

O O O

En dat daarvan niet gerept werd. is liet niet van zelf sprekend?

Men wilde immers door (nu al. 2 van) art. 45, in plaats van den waarborg, die er voor derden ten opzichte van de integriteit van het kapitaal zou bestaan in liet doorgaand regeeringstoezicht, eenen anderen, t. w. de aansprakelijkheid voor, ten koste van derden, aan de vennootschap toegebrachte schade — eene aansprakelijkheid, die, ware zij niet uitdrukkelijk gesteld, niet ten behoeve van derden aanwezig zou zijn.

Hoe zou men ook dien het „doorgaand toezicht vervangenden waarborg" verklaren, indien al. 2 iets uitstaande had met een jegens eenen derde aangegaan ongeoorloofd contract ?

Ten slotte nog een woord over de redactie van art. 45 in haar geheel.

De interpretatie (naar den tekst van art. 45) volgens de d oor mij gegeven opvatting:

Al. 1. De bestuurders zijn uit kracht der wettige statutair geoorloofde) verbintenissen der vennootschap, niet persoonlijk aan derden gebonden.

Dit stelt dus het beginsel en nu geeft al. 2 daarop de uitzondering (immers: „Indien zij echter....): zij zijn voor de nakoming dier verbintenissen wèl

Sluiten