Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In art. 97 wordt „iederen" aandeelhouder een recht toegekend, dat hij niet in toepassing mag brengen, voordat de volgende voorwaarden zijn vervuld :

1°. dat de algemeene vergadering, bijeengeroepen om te beraadslagen over de rekening en verantwoording der bestuurders, gehouden zij;

2°. dat de schade niet reeds aan de vennootschap vergoed zij.

Nu wordt, dunkt mij, in de bedoelde vergadering de décharge verleend of zij wordt geweigerd. Indien de décharge verleend wordt, ondanks de aan de vennootschap toegebrachte schade, dan blijft de vennootschapsschade bestaan. Wordt zij daarentegen geweigerd, dan beduidt dit het instellen der vennootschapsactie, zoodat de schade integraal kan voldaan worden.

Is dus over de décharge beraadslaagd (art. 9(5, 2) en is deze toegestaan, tengevolge waarvan de vennootsfhapsschr.de niet vergoed is art. 9(5, al. 1 i. f.), dan heeft „ieder" aandeelhouder liet recht om den bestuurder te dagvaarden.

Alsof nu echter van zulk een recht nog met geen woord in de wet (ontwerp) vernield was, volgt art. 97: en de Memorie van Toelichting 4) gaat, na eerst de wenschelijkheid te hebben uitgesproken, dat ook de aandeelhouder bevoegd zij om tegen bestuurders ter zake van hun beheer eene vordering tot schadevergoeding in te stellen, voort: „Het spreekt van zelf, dat

!) BI. 111 en 112.

Sluiten