Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I.

Verschillende onderzoekers hebben in de laatste vijftig jaren in normale of pathologische urine roode kleurstoffen gevonden of op eenvoudige wijze daaruit kunnen verkrijgen, zonder dat daardoor omtrent den aard der kleurstoffen of hare chromogenen in liet algemeen voldoende kennis is verkregen. De beschreven kleurstoffen waren meestal onzuiver; waarschijnlijk zullen dezelfde kleurstoffen of mengsels van kleurstoffen door verschillende onderzoekers zijn gevonden en van verschillende namen zijn voorzien. De namen geven ook weinig inzicht. Voor een gedeelte zijn de benamingen uit twee componenten samengesteld, waarvan de eene component op de afkomst uit urine en de andere op de roode kleur wijst, zooals de urorose'ine van Nencki en Sieber '), de urrhodine van Heller -), de urorubine van Plosz 3); voor een ander deel zijn die kleurstoffen in de litteratuur bekend onder den naam van haren ontdekker, zooals de kleurstof van Leube 4). van Thormiilen 5).

') Journ. f. prakt. Ch. 1882. N. F. XXVI pag. 333: Ueber das llroroseïn.

a) Heller's Arch. 1845. pag. 161, 1846. pag. 19, 536, 639 : Uebcr die Farb stoffc des Harns, gecit. bij Neubauer u. Vogel, Harnanalyse, 9 Aull 1890. pag. 96.

3) Z. f. Physiol. Chemie VI pag. 604: Ueber einen neuen farbigen Harnbestandtheil en Z. f. Physiol. Ch. VIII pag. 85: Ueber einige Chromogene des Harns u. deren Derivate.

'•) Vircliow's Arcli. CVI pag. 418: Ueber einen neuen path. Hamfarbstoff.

5) Vircliow's Arcli. CVIII pag. 317 : Mittheilungen über einen noch nicht bekannten Körper in path. Menschenharn.

Sluiten