Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1

twee gewogen huisjes, voor de eene helft gevuld met natronkalk en voor de andere helft met CaCI,. Van praeparaat A gaf:

0,32«X3 gr.: 0,5013 gr. CO, = 0,15308 gr. C = 40,03 °/0 en

0.1504 gr. H,0 - 0.01071 gr. H = 5,00 "/„ ■ van praeparaat U:

0."21-2-2 gr.: 0,4051 gr. CU, = 0,12085 gr. C = 40,00 % en 0,1233 gr. 11,0 = 0,0137 gr. ü = 5,03 %; van praeparaat C:

0.2002 gr.: 0,4542 gr. CO, — 0.1238 gr. C =

46,53% en

0.1154 ü-r. HO = 0,01282 II = 4 «2°/, •

u - " O I tl ?

van praeparaat 1):

0,2148 gr.: 0.30»>1 gr. CO, ~ 0,09085 gr. C = 40.48 % en

0,0951 gr. H,0 = 0,01050 gr. H = 4.92 % ; van praeparaat E:

0,2184 gr.: 0,3740 gr. CO, = 0,1020 gr. C = 40,70% en

0.0995 gr. 11,0 = 0,01105 gr. II — 5,00%. 3. N-bepaling.

Van praeparaat A werd liet N-gelialte volgens Kjeldalil bepaald. Aangezien evenwel zelfs na 2% a 3 uurdestiiieeren geen kleurloos product werd verkregen, heb ik, alvorens verder te gaan, van praeparaat F een paar vergelijkende bepalingen volgens Üunias en volgens Kjeldalil verricht, liet resultaat was, zooals uit onderstaande analyses blijkt, van dien aard, dat de overige bepalingen uitsluitend volgens Dumas zijn verricht en alleen de volgens deze methode verkregen resultaten in rekening zijn gebracht.

Sluiten