Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te zijn, die onder bepaalde omstandigheden zulk toekennen niet wenschen of ongedaan maken, welke wetsbepalingen uitvloeisel zijn van den algemeenen grond der schenkingsregelen.

En wanneer dan ook Bl rckhard *) zegt, dat er geene schenking bestaat als er slechts een aequivalent is, niet op geld waardeerbaar, doch „von den Parteien als gleichwertig behandelt", wat kunnen dan deze laatste woorden beduiden. Of ik u tegen de verplichting mijnen naam te voeren f 1000 of f 100000 geef, uit het feit alleen, dat ik het geef, blijkt, dat ik het als gelijkwaardig behandel. Wanneer ik er een millioen gulden voor over heb, als gij U verplicht mij als in zeker blijspel, na te zeggen: Goddank, de tafel is gedekt, en gij zoo koppig zijt het voor minder niet te doen, er zoude geene schenking zijn? Men zegt misschien, dat is nu te dwaas, dat staat in geen verhouding, maar ik vraag, wie zal eene niet op geld waardeerbare praestatie, welke ook, dan op geldswaarde waardeeren. Ik heb opzettelijk de vraag of het recht iets te maken heeft met niet op geld waardeerbare praestaties hier buiten bespreking gelaten, om niet de beslissing naar een ander terrein te verleggen, maar ik geef toch in overweging ot men hier niet beter doet de niet op geld waardeerbare praestaties naar het terrein der voorwaarden te \ ei w ijzen. Men vergelijke eens: Een vader, die het wettelijk erfdeel zijner kinderen niet verkorten mag, schenkt u t 100000 onder voorwaarde, dat gij zijn naam voert,

ol Av n'et °P gdd waardeerbare praestatie dan ook verricht.

') T. a. p. blz. 128.

Sluiten