Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Thans kom ik aan de bespreking van het punt waarover in de definities van Goüdsmit en Modderman verschil bestaat. Vordert Goüdsmit, opdat er schenking zij, steeds de aanname door den begiftigde

by Modderman wordt die aanname slechts, „in den' regel' geëischt.

De vraag kan ook aldus gesteld worden: vordert de schenking al dan niet eene overeenkomst (in de gezonde beteekenis aan dat woord te hechten)? M. a. w. is de cisch van hot Duitsche Burgerlijk Wetboek dat er slechts schenking is „wenn beide Teile darüber einic, sind, dasz die Zuwendung unentgeltlich erfolgt," juist te achten?

Ik zal hierbij niet alleen spreken over de aanname door den begiftigde, docli ook een enkel woord zeggen over den wil van den schenker.

Vroeger reeds bleek, dat er over de vraag of de schenking al of niet eene speciale overeenkomst is, dan wel de schenking slechts als gevolg van eene overeenkomst kan plaats hebben, dan wel of zonder overeenkomst eene schenking mogelijk is, veel verschil van gevoelen bestaat.

Aan de schenking het karakter der overeenkomst te ontzeggen is niet een poging van den nicuweren tijd. Jlstinianus noemde de schenking herhaaldelijk contractus, (vgl. 1. 8 pr. C. de praescr. XXX ann. (VII, 39); 1 17 C. de fide instr. (IV, 21); 1. 7 C. de hisquaevi (II' 20)1. 55 pr. D. de O. e. A. (XLIV, 7); fr. Vat. § 349), naar aanleiding waarvan de vroegste uitleggers leerden, dat de schenking een contract is1). Het onderscheid tusschen

') Vgl. Mr. J. Kappeij.ne van de Coi-pello, in Thoum 2, VII blz i-± en v. ' '

Sluiten