Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het begrip rechtshandeling vatten wij samen alle wilsverklaringen van een privaatpersoon, welke ten doel hebben, economische gevolgen te weeg te brengen, die door de rechtsorde in het algemeen gebillijkt en tot rechtsgevolgen verheven worden." En in denzelfden geest Goudsmit1): „Rechtshandelingen zijn zoodanige handelingen, waarvan de strekking is en die de voorwaarde zijn tot het doen ontstaan, de wijziging of de opheffing van rechtsbetrekkingen."

Wanneer men deze omschrijvingen voor juist houdt — en ik geloof dat men dit veilig doen kan — dan zijn alle handelingen, waardoor eene schenking kan tot stand komen, noodwendig ook rechtshandelingen. Hiermede is dan de door Prof. Hamaker aan de orde gestelde vraag vervallen. En ik geloof, dat we daarover niet behoeven te treuren. Immers het onderscheid, dat de hoogleeraar ging maken tusschen handelingen en rechtshandelingen noopte hem tot zeker zonderlinge conclusies; b.v. de artikelen 44—46 der Faillissementswet konden niet zoo algemeen bedoeld zijn als b.v. de bepaling omtrent schenking in verband met de legitieme portie, omdat bij eerstgenoemde artikelen nietigheid ingeroepen moet worden, en van nietigheid alleen ten aanzien van •rechtshandelingen kan sprake zijn 2).

En nog deze opmerking omtrent het voordeel. Wanneer zal er voordeel zijn? Het zal niet altijd gemakkelijk zijn uit te maken wanneer er een voordeel is, waarop schenkings- of bevoordeelingsregels van toepassing kunnen

') T. «• p- § 53.

*) T. a. p. blz. 295, eeruto kolom,

Sluiten