Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kerkelijke Grondwet berusten? zou daarin, bij herziening, zoo als het der meerderheid gevalt verandering worden gemaakt? of wel, is er in de eigenaardigheid van het geloof, buiten en boven alle reglementen, een onveranderlijke grondslag? meent gij, al dan niet, als Gouvernement, verpligt te zijn de eigenaardigheid in het oog te houden welke die kerk van andere protestantsche gezindheden, van de roomsch-katholieke kerk, en vooral ook van de ongeloovige rigtingen onderscheidt?" ')

rIn plaats van de Hervormde Gezindheid in haar eigenaardigheid te beschermen, of althans met onpartijdigheid te werk te gaan", heeft de Regeering „altijd geïntervenieerd ten behoeve van ééne partij . . . a)

Met die „tegen de eigenaardigheid van de Kerk gerigte partij" :!) bedoelde Groen het volgende. Tengevolge van de vrijheidsberooving van de Hervormde Kerk door den Staat in 1810 „heeft in die Kerk eene magtige partij post gevat, die naar geloofsovertuiging van zeer velen, al wat der gemeente dierbaar is, bestrijdt." Het gevaar lag nu in het feit, dat door de Regeering bij monde van den Minister van Justitie, den heer Olivier, was verklaard, dat zij, om geen partij te moeten kiezen in eene kerkelijke quaestie ') „aan het bestaande orgaan der Kerk, de Synode, vrijheid van handelen laten moet."

Groen drukte dit in zijn antwoord aan de Regeering aldus

') Anv. II, bl. 2(53.

>) „ „ bl. 287.

:') „ „ bl. 268.

4) „Volgens Groen van Prinsterek was dit juist een zich mengen in de zaken der Kerk, dat de Regeering de gemeenten

Sluiten