Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ning konden veranderen, neon, de Gemeente werd gehoord door hare Credentiebrieven en Instructiën." •) De kerkeraadsvergadering, als de wettige representatie der Gemeente, was derhalve de grond van alle vergaderingen, en zoo blijkt ook hieruit, hoe het karakter der gansche bestuursinrichting echt republikeinsch was.

De vergadering, die weer boven de Classis stond, gelijk deze over den Kerkeraad, was de Particuliere Synode; minstens eenmaal 's jaars te houden, regelde zij do provinciale, gelijk de driejarige Nationale Synode de algemeene betrekkingen. Artikel At der kerkordening regelde de bijzondere Synode aldus: „Alle jaars (ten ware dat den nood eenen korter tijd vereischte) sullen vier of vijf ofte meerder gebuurde Classen te zamen komen, tot welke particuliere Synode uyt yder Classe twee Dienaars

en twee Ouderlinghen afgevaardigd sullen worden "

De ouderlingen, die „ad Synodum" gingen werden benoemd door de Kerken, maar zij verschenen in de Synode mot instructie-brieven der Classis.

Ten opzichte van do Nationale Synode heerschte hetzelfde beginsel. Zij werd rallc drie jaren eens gehouden" en naar haar „werden twee Dienaren ende Ouderlinghen uit elke particuliere Synode" afgezonden; aldus wilde het artikel 50 der meergemelde kerkordening.

Stellen wij thans tegenover bovengenoemde gereformeerde kerkinrichting, de organisatie, die in 1816 werd ingevoerd. In het algemeen reglement van dat jaar begon men „na algemeene bepalingen te hebben opgegeven,

') Ds. Heldring op. cit. bl. 52.

Sluiten