Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of van eenige andere godsdienstige gezindheid, en aan de wetten van den Staat zullen gehoorzamen."

Scherp liet Groen zich in de zitting der Tweede Kanier van 9 Juli ÏWÖO uit over dit besluit. Om twee redenen noemde hij het onyrmul wettig, „vooreerst om de renunciatie welke in art. (I gevergd wordt." Reeds vroeger had hij gezegd, dat de Regering „in plaats van de hervormde gezindheid in haar eigenaardigheid te beschermen .... altijd geïntervenieerd heeft ten behoeve van ééne partij ').... door wie dat regt miskend werd." Thans herhaalde hij dit en vervolgde: „Hier hebben we daarvan een treffend voorbeeld. Ik wil aannemen, dat degenen, die zich met nauwgezetheid houden aan de grondslagen van de Hervormde Kerk, niet uitsluitenderwijs de kerk uitmaken: men zal niet ontkennen, dat zij er een gedeelte van zijn; mede-eigenaren in het collective huis; en wat doet nu de Regering? Aan hen, die. ten onregte verdreven uit het huis, nu verzoeken eene andere woning te mogen oprigten, weigert zij de vergunning, indien zij niet voor goed afstand doen van hun eigendomsregt. Dat noem ik ongrondwettig: de eerste reden van ongrondwettigheid van het besluit."

„De tweede ligt in hetgeen reeds onderscheidene sprekers vóór mij hebben aangewezen, in de .speciale positie. welke, door dit besluit, aan de afgescheidenen opgelegd wordt in strijd met de grondwettige gelijkstelling der gezindheden, eene positie zoo a(b)normaal, dat, dunkt mij,

') Zie terug 1>1. 86 en 87.

Sluiten