Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werking van politiek en kerkelijk liberalisme .... Indien het oni handhaving van gelijke regten te doen ware, men zou de bescherming waarderen die de antirevolutionaire, rigting tegen vrijzinnige praktijken verleent; maar, is •sitpreinatic bereikbaar, dan wordt het welberekend overleg door tijdelijk bondgenootschap niet de liberalen te zegevieren over

hen die in onverzettelijkheid omtrent eigen geloof

en eigen regt, aan de Puriteinen gelijk zijn." >)

\\ aar Groen in later jaren niet de Roomschen in aanraking kwam, trachtte hij hen te overtuigen, dat dit bondgenootschap toch op den duur ook op hunnen val moest uitloopen. De Revolutie was en bleef de gezworen vijandin van elke Kerk, van iedere Gezindheid, en daarom was liet noodzakelijk, dat alle Christenen te samen tegen haar den strijd voerden. -') Tot het laatst zijns levens bleef Groen de goede „verstandhouding met anti-liberale Roomschgezinden" begeeren, „waarbij men aan de Christelijk-nationale oppositie tegen het Ultramontanisme getrouw bleef." 3)

Dat de Regeering in t geheel geen oog scheen te hebben voor het gevaar, dat van Roomsche zijde dreigde,

') Narede enz., bl. 29.

2I Nimmer verloor Groen ,,.... de christelijke betrekking

op de roomschgezinden, tegenover liet ongeloof " uit liet oog.

Zie Ongeloof en Revolutie, 2e druk, bl. 415, noot 2; hij zegt daar o.m. „De Revolutie is vijandig tegen eiken evangeliebelijder," citeert, om dit te staven, Stahl en Vinet, en verwijst daartoe naar sommige zijner eigen werken, o.a. Beschouwingen over Staats- en Volkerenregt en Le Parti Anti-rév et conf bl. «1—75.

:') Nei>. Ged. VI, bl. «.

Sluiten