Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

welingerigte openbare school, in den regel tegen de concurrentie der bijzondere scholen bestand. 3. Waar het mogelijk is, afzonderlijke scholen van Staatswege voor Protestanten en Kooinsch-Katholieken. 4. Geen goda(tienstlooze school, die aan de overmagt van Roin>\ door terzijdestelling van Hijbei en Volkshistorie, den weg baant."

Uit dit program blijkt, dat weliswaar de vrijheid van onderwijs boven aan stond, maar tevens, dat het openbaar onderwijs geenszins door Groen werd prijs gegeven. -Tegenover het svstema der gemengde scholen" noemde hij „de bijzondere school .... een onmisbaar surrogaat". Doch hij wenschte „. . . . den bloei van het openbaar onderwijs, namelijk wanneer het met de behoefte eener Christelijke Natie in overeenstemming gebragt wordt." ') Aan dezen eisch voldeed niet „de Conceptwet van 1849", waarin op den voorgrond gesteld was: „de openbare school moet op een aan alle godsdienstig onderwijs rreeuid, volkomen onzijdig, .standpunt staan: dan alleen voldoet men aan het grondwettig voorschrift en worden eindelooze twisten voorkomen." 2)

•luist het omgekeerde werd door Groen beweerd. „De Natie (heeft) ook rolgens de Grondwet. op eerbiediging van haar positief geloof, in de belijdenissen der kerkgenootschappen. legt . . . ." '•) Het openbaar schoolwezen moest derhalve „. . . . geregeld worden in verband met de regten en behoeften der Gezindheden waaruit de Natie

:) Nei>. iio. 41. ') Adv. II, 1)1. 17. :') Nep. no. 174.

Sluiten