Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelijk hielden oji te roeien tegen de zoo ontzaglijk sterke revolutionaire strooining. In hun oog waren de pogingen vruchteloos, om den Staat weder tot de erkentenis te brengen dat ook hij zijne taak heeft te volbrengen ter verheerlijking van Gods Naam. Gelijk ik daareven reeds zeide, blijkt uit Groen's opmerking 11a Mr. Gekken's gezegde, dat hij die wanhoop en moedeloosheid geenszins deelde.

Dat hij den ahnormalen toestand van volkomen scheiding niet onvatbaar hield voor verbetering, bleek ook door het weer aan de orde stellen van de facultatieve splitsing.

Het gaat niet aan hierbij alleen te denken aan een gevoel van moedeloosheid, alsof Groen, ten einde raad, bij den Staat hulp kwam zoeken voor zijne christelijke scholen. Gok was liet geen wijziging van zijne beginselen, die hem tot dezen stap bracht. Evenmin als voor 1857 begeerde hij op deze wijze eenige vereeniging van Staat en Kerk, of het van overheidswege inrichten van gezindheidsscholen. ')

Vroeger had hij met de facultatieve splitsing bedoeld, dat er, voorzoover daaraan behoefte was, afzonderlijke scholen werden ingericht voor Protestanten, voor Roomsehen en voor Israëlieten. Nu hij die splitsing wederom ter sprake bracht, is het niet onmogelijk, dat hij thans in de eerste plaats dacht aan het door hem genoemde middel, waardoor zij onder anderen vorm kon geschieden. Dat middel was de subsidieering van het bijzonder onderwijs. -')

Kwam het eenmaal zoover, dan zou daarmede zijn erkend, dat niet meer de neutrale overheidsschool alleen

') Zie terug bl. 215. -') * * „ bl. 253.

Sluiten