Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Culpae Compensatie» op de verbreking van het causale verband steunt, overblijft, dan is het resultaat bedroevend. Die stelling gaat niet op, wanneer de benadeelde vóór den benadeeler handelt, ook niet, wanneer beide partijen gelijktijdig handelen, en evenmin wanneer een laten van den benadeelde op de daad van den benadeeler volgt. Het gaat dus niet aan, met von Bar victorie te roepen over de opvatting van Pernice, en het zal niemand verwonderen, dat deze laatste in zijn later uitgegeven werk „Marcus Antistius Labeo"1) verklaart, dat zijn vroegere meening, in de meeste gevallen niet steekhoudend is. Slechts dan, wanneer een positieve gedraging van den benadeelde het laatst plaats vindt, schijnt het geval door de verbreking van het causale verband te verklaren.

Maar...! Nu blijft nog te onderzoeken, of de verbreking van het causale verband wel in overeenstemming is met de juiste opvatting van hetcausaliteitsvraagstuk. Hiermede behoefden wij ons tot nu toe niet in te laten, zoolang wij gevallen hadden, die niet uit de opheffing van het oorzakelijke verband te verklaren waren. Thans nu wij gevallen ontmoeten, waarin dit wel zoo schijnt te zijn, mag wel eens onderzocht worden, of die onverkwikkelijke verbreking van het causale verband — het epitheton is van von Liszt — wel bestaat. Het is licht te zeggen, dat de daad van den benadeelde directe oorzaak, die van den benadeeler indirecte oorzaak of aanleiding is, maar bestaat er wel een verschil tusschen oorzaak en aanleiding?

Dit verschil bestaat niet. Er is al zoo dikwijls op

') Deel II, blz. 36 noot 16.

Sluiten