Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

band" toe. In 1875 werd nog weer een poging gedaan door de Saksische verbruiksvereenigingen, evenwel zonder resultaat.

Van een organisatie als in Engeland het geval was, was in dezen tijd in Duitschland nog geen sprake. Wel werden er af en toe pogingen in het werk gesteld tot organisatie van den grootiukoop, doch zij bleven voorloopig zonder practisch gevolg. Zoo was in 1869 te Mannlieim een „Einkaufsgenossenschaft" tot stand gekomen, doch het aantal vereenigingen, dat deel nam, was veel te gering. Uit gebrek aan kapitaal werd in 1872 de vereeniging veranderd in een Naamlooze Vennootschap, die in 1875 met groote verliezen moest liquideeren.

Van den kant van het A. D. G. V. werden die organisatie-pogingen niet gesteund. Schulze hield de oprichting van grootinkoopsvereenigingen voor onmogelijk, daar hij den inkoop van vele artikelen op dezelfde plaats afkeurde van een handelsstandpunt, ook het verschil in qualiteit op de verschillende plaatsen achtte hij hiervoor een beletsel. Wel had hij eenige vormen uitgedacht, o. a. volgens het marktsysteem zou men zich de voordeelen van den grootinkoop kunnen verschaffen. Zgn. beursdagen zouden gehouden kunnen worden; door middel van hun vertegenwoordigers zouden de vereenigingen hier met de groothandelaren kunnen

Sluiten