Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wanneer mr. Abendanon op deze wijze „eenheid" en „scheiding" tracht te verzoenen, dan meen ik, dat zijn poging niet als geslaagd kan worden beschouwd.

Het is mij aangenaam, dat ik mij voor de in dit hoofdstuk ontwikkelde meening mag verheugen in den steun van mr. C. W. Margadant, die in zijn bekend werk: „Het Regeerings„reglement van Nederlandsch-Indië" niet anders denkt over deze quaestie Wij lezen toch, bijna aan den ingang van het eerste deel, waar deze fundamenteele vraag ook alleszins tehuis ehoort, het volgende '): „Wat nu zonder aanduiding van .grenzen in artikel 1 wordt saamgevat onder de benaming „„gebied van Nederlandsch-Indië"" is een wettelijk samengesteld lichaam als waarvan sprake is in artikel 112 R. R. n.1 „een rechtspersoon, als criterium waarvan niet geldt autonomie, „die er alleen het gevolg van is. Het complex der bezittingen, „aangeduid met den term: Nederlandsch-Indië, vormt een „zedelijk lichaam op openbaar gezag ingesteld, als bedoeld in „artikel 1653 van het indisch burgerlijk wetboek en daarom „geheeten publiekrechtelijk zedelijk lichaam in tegenstelling „van de privaatrechtelijke; als rechtspersoon wordt dat publiek„rechtelijk lichaam beheerscht door de wettelijke verordeningen, „waaraan het zijn bestaan ontleent, het regeeringsreglement in „verband met de grondwet, en door de daarin wortelende „organieke voorschriften; de bepalingen van artikel 1653 sqq. „gelden slechts voor zoover de fundamenteele en organieke „voorschriften daarvan niet afwijken. Nederlandsch-Indië is een „rechtspersoon welks bestaan wortelt in het publieke recht, „evenals exempli gratia de provinciën, waaruit het gebied in „Europa bestaat; het bestuur van dien rechtspersoon berust „bij een gouverneur-generaal; Nederlandsch-Indië kweekt, „beheert en verantwoordt een eigen vermogen dat beheerd „wordt door den bestuurder op de wijze als de jaarlijksche „begrooting van dat vermogen aanwijst, onverschillig of deze „aanwijzing geschiedt door eene andere macht dan de bestuurder; ook de provinciale begrootingen in Nederland worden „vastgesteld door eene andere macht dan die ze uitvoert en

') Deel I, 1894, blz 23 v.

Sluiten