Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beschermen. Dat belang nu is wèl in het strafproces zéér overwegend, terwijl de uiterst beperkte mate, waarin afwijking van de dagvaarding is toegelaten, van dat belang een zuivere consequentie is.1 Maar blijkens de verschillende procedures, waarin géén dagvaarding voorkomt, en vooral blijkens de regeling der reconventie ten onzent, erkent onze wetgever in burgerlijke zaken de groote beteekenis van dat belang niet.

Maar al wordt hem tijd voor voorbereiding van zijn antwoord gegund, toch, heet het, moet een verbod van veranderingen van eenigszins ingrijpenden aard bemoeilijking van des gedaagden verdediging beletten. De lezing nu van de tallooze vonnissen, waarin eenigerlei wijziging is verboden, oorzaak van de verre van vriendschappelijke verhouding tusschen schrijver en veranderingsverbod, heeft mij overtuigd, dat in verrevceg de meeste gevallen die zg. verdedigingsbemoeilijking een phrase is. In al die beslissingen integendeel is ergerlijk de houding van den gedaagde, die zich voordoet als een idioot, die van den stand der, óók hem betreffende zaken, niets afweet, dan wat de eischer in zijn dagvaarding heeft gelieven te zetten. Zelfs de inhoud van die dagvaarding schijnt een groote verrassing te zijn, waarbij gedaagde zich nauwelijks herinnert, wel eens zaken met den eischer te hebben gedaan. Misschien ten gevolge van de veel te groote uitvoerigheid van dat stuk ten onzent wordt de dagvaarding als een sublieme, onaantastbare grootheid vereerd; des te wonderlijker, omdat het dagvaarden nog slechts een private, buiten den rechter om gaande, aangelegenheid tusschen partijen uitmaakt. Men schijnt zich in het geding — of geldt hier soms oorlogsrecht? — niet meer als bonus pater familias behoeven te gedragen.2 Even-

1) Zie art- 191 Sv.

2) Kriis een exc. van nietigheid van dagv. verworpen, met beroep op de noodzakelijke kennis van de» bon- p»t. fam., Groningen W. 3ü24.

Sluiten