Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Moge het verwonderlijk schijnen, dat in ons recht, waarin óók van mondelinge behandeling sprake is, een dergelijke bewering nooit geuit werd, — na de bovenstaande uiteenzetting, wat de Duitschers onder orale behandeling verstaan, blijkt duidt'lijk, dat dezelfde term voor geheel verschillende begrippen wordt gebezigd. Wij, wanneer wij van het beginsel deimondelinge behandeling spreken, willen daarmede zeggen, dat het verweren en voldingen niet zonder eenig mondeling onderhoud met den rechter, niet uitsluitend in door partijen samengestelde schrifturen geschiedt; in één woord: dat het schrift niet het eenige middel van verkeer tusschen partijen en rechter is. Het vonnis wordt dus niet geveld door een rechter, die de gedingvoerenden niet kennende, slechts afgaat op den in de stukken ontvouwden stand van zaken. Deze vorm van geding is in onze wet1 onder den naam: „behandeling bij geschrifte" geregeld voor „voor mondelinge voordracht niet vatbare zaken,' doch wordt hoogst zelden gebezigd.

Dat mondelinge karakter der gewone proceswijze komt dan uit in de voorgeschreven voordracht der conclusies,2 in de pleidooien, in 's rechters bevoegdheid ophelderingen te vragen, in de wisseling der stukken ten aanhoore van den rechter, in 't algemeen overal daar, waar liet principe der z.g. onmiddellijkheid tot zijn recht komt.

In ons processysteem echter hebben de pleidooien een geheel afwijkende beteekenis. Terwijl zij in Duitschland, behoudens uitdrukkelijke uitzondering,8 uit den aard der zaak moeten plaats hebben, zijn zij ten onzent volkomen facultatief. En terwijl zij daar een zelfstandige beteekenis, als bron van processtof, bezitten, zijn zij hier slechts de toelichting van de dingtalen. Er kan geen sprake van zijn, dat tijdens de pleidooien de dingtalen nog worden gewijzigd; reeds bij de

1) Hk. I tit. III, afd. 4. In het O. H. Recht pleitte men alleen over quaestiones jurig; nu 1728 ook in jregohillen beneden de duizend gulden.

2) Over het luttele belang daarvan: Faure II 1-4; de Pinto» I heinis 1877, 252.

3) Daarover Sehmidt Lb $ 74 II; opsommin}: bij Wilm.-Levy ad $ 119 (oud).

Sluiten