Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Trajanus. Wij zagen reeds ') hoe deze traditie in „Eusebius' verzwegen bron" een nauw verband tusschen de beide namen legde; wanneer dan nu het bedoelde onderhoud werkelijk tot de latere inkleeding behoort, is dit in ieder geval een kleinigheid in vergelijking met al wat de andere overlevering opneemt! Ook hier moeten we, ten koste van de Rome-traditie, tot de geloofwaardigheid van de, vrij zuiver bewaarde, Antiochiëtraditie besluiten.

Verklaarde F. J. J. A. Junius in 1858 nog: „Volgens deze getuigenissen mag men als zeker aannemen, dat Ignatius.... naar Rome opgezonden .... en aldaar den marteldood gestorven is" — latere verdedigers der echtheid, als Zahn, Harnack en (voor zoover Rom. betreft) Renan, geven toe: „ .... eine sichere Kunde darüber, ob Ignatius überhaupt nach Rom gelangt ist, besitzen wir nicht" (Harnack). „Aber", gaat hij voort, „wir haben auch keinen Grund es zu bezweifeln!" Wij hebben in de voorgaande bladzijden evenwel duchtig grond gevoeld.

Zahn en Renan geven een argument voor hun niet twijfelen: „ . ... die blosse Existenz irgend welcher Briefe des Ignatius in der zweiten Hiüfte der zweiten Jahrhunderts ist das allerstarkste Zeugnis fttr das Alter der Tradition, urn die es sich hier handelt", zegt Zahn 2) — Renan spreekt in denzelfden geest. In dien tijd „[hatte] der Martyrertod des Ignatius in Rom und seine unfreiwillige Reise nach Rom .... eine gewisse Berühmtheit erlangt." Dat is te betwijfelen! Wanneer de Brieven pseudepigraphen uit de tweede helft der tweede eeuw zijn — wat Zahn in dit verband onderstelt — dan blijft het de vraag of onze schrijver gebruik maakt van een hem bekende overlevering (de Rome-traditie), of zelf die overlevering schept. De door Zahn onderstelde „gewisse Berühmtheit" blijkt dus zoo zeker nog niet te zijn; erger, zij blijkt niet te bestaau: hoe kon anders Irenaeus spreken van „r ïg xmv ri^tztQav", zonder den naam te noemen; hoe kon anders Origenes Ignatius aan-

') Vgl. hoven, hl. 20 en 29.

5) A. w. [zie hl. 13 N°. 1] S. «2.

3

Sluiten