Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan die welke de schrijver in hoofdzaak volgt, uit een bron die Ignatius' dood in het einde van Trajanus' regeering stelde, waarschijnlijk dus tijdens diens verblijf in het Oosten. _ )

Mogen we Malalas ook geloof schenken, wanneer hij Ignatius' marteldood met de aardbeving in verband brengt? A priori zijn we geneigd, die vraag ontkennend te beantwoorden. Zeker kwam wel die aardbeving niet voor in de „verzwegen bion van Eusebius" — hoe zou ze anders geen spoor hebben nagelaten? Zeer begrijpelijk zou het zijn, wanneer Malalas zelf de vader dezer overlevering was! Daar hij wist dat Ignatius den marteldood te Antiochië was gestorven, tijdens Trajanus aanwezigheid aldaar in den Armenisch-Parthischen ooi log; daar hij wist dat in dienzelfden tijd Antiochië door een aardbeving geteisterd werd, lag het voor de hand dat hij beide feiten verbond; en dit te eer, omdat in zijn dagen de Ignatiusdag op 20 December werd gevierd, terwijl 18 December hem was overgeleverd als de datum van de aardbeving ).

In het bovenstaande is stilzwijgend aangenomen, dat de Heiligenkalender geen betrouwbare herinnering aau Ignatius' sterfdag bewaart. Ook bij de beschouwing hierover gaan we

aan de hand van Lightfoot2).

Wat betreft de vier overgeleverde data, waarop in verschillende tijden in verschillende streken Ignatius' nagedachtenis werd vereerd — 1 Februari, 1 Juli, 17 October, 20 December staat de kwestie welke de oorspronkelijke is en dus het meest waarschijnlijk den sterfdag in herinnering houdt,slechtstussehen de beide laatste. Volkmar, voor wien deze kwestie nog niet bestond daar hij alleen den Ignatiusdag op 20 December kende, ontleent aan dien datum een argument voor de volstrekte betrouwbaarheid van Malalas mededeeling: 13 December aardbeving — 20 December sterfdag (later Heiligendag) van

') Deze onderstelling komt mij voor, steviger gegrond te zijn, dan die van Lightfoot, die, met voorbijgaan van alle vroegere sporen der Antioehie-traditie, die geheel uit een dergelijke eombinatie eerst hij Malalas afleidt.

») A. w. [zie hl. 13 N°. 1"2| 11 p. 418 434.

Sluiten