Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moet bevelen over de schoolmeisjes en staat onder dezen; zij moet ernstig wezen en de eenvoud zelve, hoewel ze toch ook jong is en er dikwijls aardiger uitziet dan haar leerlingen.

Frans stond op. Zijn gedachten waren rechte wildzangen! Hij was op Annie verliefd, die hem te boersch vond, die niet van hem zou willen weten: hij behoorde dus uitsluitend te denken aan haar. Maar hier in Zeist te blijven hangen, scheen hem een wanhopig ondernemen. Hij moest afleiding hebben, degelijke afleiding, bij voorbeeld door kunstgenot. Als hij eens naar Den Haag ging? Daar kon hij muziek hooren en oude schilderijen zien en naar Scheveningen gaan, indien hij in eenzaamheid wilde wezen. Hier te Zeist was het al te doodsch en recht eenzaam was men er toch niet. De avond scheen hem van te voren al zóó lang, dat hij besloot, liever maar dadelijk te vertrekken.

Hij keerde terug over den weg, dien hij gekomen was, belde in het voorbijgaan aan het Broederhuis aan, werd hier geholpen door een bleeken, hooggeschouderden jongen man, die een uiterst lange en wijde jas droeg en hem met ijselijk groote passen voorging naar den winkel, waar Frans een borstel kocht; daarna maakte hij in het Gasthof zijn verontschuldigingen aan den waard, betaalde een kleine vergoeding voor de kamer en vertrok na het middagmaal per Rijnspoor naar de residentie.

Sluiten