Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kringen was hij terecht gekomen! En zou hij nu in die nieuwe, lagere wereld voortleven ?... Hij kreeg spijt, dat hij het avontuur begonnen was. Want meer was het toch eigenlijk niet. Had hij Hélène lief? Hij kende haar nauwelijks ; hij had nog nooit over iets anders dan onbeduidende dingen met haar gesproken, 't Was weer dezelfde kwestie als met Annie: die kende hij evenmin! Maar hoevele huwelijken kwamen bij minder kennisschap tot stand! Vroolijk en eenvoudig was Hélène den geheelen dag geweest. En ze zag er allerliefst uit. Ja, maar ze had toch wel eenige echte schoolmamselsmanieren en ze sprak van Moe, zooals die vrouwen met slapende kinders en groote pakketten daar in de walmend-vochtigwarme tram zich ook lieten noemen .... Oef, het werd Frans benauwd! Hij liet vóór het dorp stilhouden en bleef een oogenblik op den weg staan, als wist zijn lichaam evenmin wat het wilde, wat het doen zou, als zijn hart. Een stuk papier, een zakje of zoo iets, door iemand bij het stilhouden uit de tram geworpen, woei over den weg en schoor vóór Frans' voeten heen en dadelijk deed het hem denken aan dat onvergetelijke dorre blad uit de Donkere laan te Zeist. Ja, zóó was hij! Net als zoo'n blad, zoo'n naamloos vod — even besluiteloos, even doelloos.

— Zijn anderen beter? vroeg zijn trots.

Zijn eerlijkheid hamerde: ja, ja, ja, maar hij aarzelde op dit kloppen te antwoorden.

Sluiten