Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit de klassieke historie. De praktijk der onvrijheid is gemakkelijker aangewezen dan der vrijheid; derhalve ontleden wij eerst het gedrag van Dionysius. Wij bevinden alsdan, dat dezes menschen handelingen rechtstreeksche !) reakties zijn op aanleidingen van de buitenwereld 2); d. w. z. de inhoud zijner handelingen is afleidbaar uit de aanleiding, zonder in aanmerkingname van een ideëele voorstelling; de aanleiding zijnde indruk van buiten is niet eerst ideëel getransponeerd alvorens de handeling te voorschijn trad. Wanneer ik in een straat wandel bij storm, en zie een dakpan naar beneden geslingerd, spring ik ter zijde. Deze sprong is rechtstreeksche reaktie op een indruk van de buitenwereld; er is niet eenige ideëele voorstelling tusschen de aanleiding en de handeling in.

Door de indrukken van de buitenwereld (in konkrete voorstellingen vervat) worden onmiddellijkerwijze de instinkten of praedisposities in werking gezet, die de materie van ons karakter zijn. Deze onmiddellijke werkingen zijn onze hartstochten (passies). Zij hebben slechts de konkrete voorstelling van eenige gebeurtenis noodig, om opgewekt te worden. Wanneer ik een stok zie opgeheven om mij te slaan, zoo is onmiddellijk de hartstocht vrees in mij opgewekt, welken hartstocht ik daarna onderdruk, zoo ik niet bang ben van nature. Zie ik een mensch naast mij in het water vallen, zoo is onmiddellijk mijn angst en medelijden opgewekt. Ziet

1) „rechtstreeksch" niet in psychologischen zin als rechtstreeksch gevolg van oorzaak; verg. de kwestie der psychische kausaliteit; maar in logischen zin, gelijk verklaard wordt.

2) „buitenwereld" niet in kennis-theoretischen zin, maar als voorstelling, tot inhoud hebbend hetgeen de mensch zich voorstelt als niet hij-zelf zijnde.

Sluiten