Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan zet zich de afwisseling van wilsbesluit motief, wilsbesluit motief, voor onzen terugzienden psychologischen blik tot in 't oneindige voort, totdat wij deze repeteerende breuk doorsnijden. De indeterminist doet zulks en snijdt haar door bij het woord wilsbesluit. Zoo neemt hij in laatste instantie der overweging een motieflooze wilswerking aan. En hiermede is het nieuwere indeterminisme bij zijn vader terug. In wezen is er tusschen het nieuwere en het oudere geen verschil: zij beide leeren den motiefloosen wil.

Wat wil dit nu zeggen, dat in laatste instantie de wil motiefloos vóór of tegen een bepaalde handeling (of een handeling voortbrengend motief) beslist? Het zou kunnen beteekenen, dat de wil buiten het karakter staat, en als een deus ex machina ingrijpt in onze zielsneigingen en handelingen. Zulke theorie is echter tegen alle ervaring: eens menschen zielstoestanden zijn door zijn karakter bepaald en zijn handelingen zijn karakterbetooningen; leest men ook een druif van distelen of een vijg van doornen? Deze buiten ons karakter staande wil (Kants intelligibeler karakter) heeft geen vermogen van ingrijpen, en wanneer hij het wel had en onze handelingen zoowel kwaad als goed de resultaten waren zijner edikten, dan zouden wij, overgegeven aan een grillige, onberekenbare, zoowel kwaad als goed besluitende transcendente macht, voor altijd het uitzicht op zedelijke vrijheid behooren op te geven.

Maar het indeterminisme van den motiefloozen wil beteekent ook niet den wil als een magischen faktor buiten het karakter te stellen, doch den willenden mensch (het willend karakter) aansprakelijk te stellen voor zijn wilsbesluit, in dier voege, dat hij, die „ja" zeide, ook „neen" had kunnen zeggen. Dit kan slechts

Sluiten