Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

buiten openbaren, en vandaar de voortbrenging. Hierbij is een psychologisch moment te benadrukken. Aan alle aktie, denken en arbeiden, gaat vooraf een aandoening, een moment van gevoels-trilling. De dichter dicht niet en de denker denkt niet, zoo niet een gevoelsdrang hem er toe motiveert: dit is voor alle kunst-aktie van-zelfspiekend; maar evenzeer geldt het voor alle schepping en voor allen arbeid, al is in menig geval dit gevoelsmoment met een mikroskoop uit te vorschen. Maar wij hebben bij ons onderzoek alleen met het normale, niet met het verwordene te doen. De landbouwer, die geen welbehagen heeft in de toebereiding van zijn akker, en de meubelmaker, die niets voelt voor het voorwerp, dat hij zal vervaardigen, zijn verwerpelijke werkers, aleven als de schrijver, die zonder vreugde zijn ideëen in taal brengt. Zij zouden zelfs in 't geheel niet kunnen werken, zoo niet een afgeleid berekeningsgevoel te hulp kwam (loon-verwachting) waar het rechtstreeksche ontbreekt. Er is geen aktie zoo niet een gevoels-moment de aktie aansticht.

De gevoels-aandoening verwekt voorstelling en verbeelding, waarin zij zich uitdrukt, en die zij met haar zelf vervult. De aandoening van den dichter is het psychologisch oorspronkelijke, psychologisch middelpunt, waaruit straalsgewijze het voorstellings- en verbeeldingsleven voortspringt. Zoo dicht en denkt hij uit kracht van zijn gevoelsspanning. De denker wordt evenzoo aangevuurd door zijn gevoel van intellektueel welbehagen; ieder die schept heeft in voorstelling en voorstellingsbeeld voor oogen wat hij scheppen wil, en vindt in deze een voldoening voor het gevoel van scheppingsvreugd, dat hem bezielt.

Dan verbreedt zich het gevoel van behagen, door het

Sluiten