Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„uit do volksklasse, wier leven zoo dor, zoo triest, „zoo arm aan levensvreugde is, opgewassen zou „zijn tegen zooveel verleiding." Wij mogen d a t wel v e r w achten en de ervaring bevestigt 't. Meisjes, die zich dooreen gevulde beurs laten verleiden of met „la jeune lille" in „Les avariés" van Brieux zeggen: „Quand „on a faim et qu'un juli gargon nous offre a diner,

„faudrait vraiment être en bois pour refuser "

zijn lichtekooien. Een „gevulde beurs" verleidt geen fatsoenlijk meisje; stelt een vrouw v o o i' gel (1 haar lichamelijke bekoorlijkheden aan den man beschikbaar, dan is zij niet de argelooze, welke „door gebrek aan levenswijsheid" er „invliegt" en door den „haar met teederheid omhullenden" man „bedrogen" wordt. Het is voorts een onwaarheid dat het in den regel rijke jongelui zijn, die de meisjes uit de armere standen verleiden. Want de meeste meisjes uit het volk vallen door het volk l). De ongehuwde moeders, welke in Magdalenahuizen enz. worden opgenomen, hebben gewoonlijk haar kind bij mannen uit haar eigen stand: boerenjongens, werklieden, bedienden, huzaren enz. Vele van haar werden door trouwbeloften bedrogen, doch het gros gaf zich in een roes. uit genotzucht of lichtzinnigheid aan den man over.

1) Men vergelijke Carlier, Les deux proatitutiona, p. 37 seq. Reuaa, Lu pi'oatitutiuD, p. 41.

6

Sluiten