Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Langzaam procedeeren. Yeel uitstel vragen. Trouwens, door de fraaie inrichting ten onzent, is men altijd zeker van een jaar vertraging, als men eenvoudig pleidooi vraagt. Er zijn zóó veel pleidooien ingeschreven, dat we binnen het jaar geen pleitdag krijgen."

„Maar zijn de rechters de zaak dan niet weer vergeten?"

„De rechter krijgt de zaak niet onder de oogen, dan even vóór het pleidooi, en dan nog maar gedeeltelijk. Maar het zou te lang voeren u dat nu uit te leggen. Ik bedoelde met mijn vraag, of meneer van Vleuten om het geld verlegen is. Ik meende laatst gehoord te hebben, dat hij nog andere ressources had."

„O ja, gelukkig," zeide zij. „Anders hadden we de zaak geen drie maanden kunnen laten loopen. Maar we zullen zuinig moeten zijn."

„We zouden iets kunnen probeeren. Heeft uw man een paai' vrienden, die hem voor een kleine comedie van dienst zouden willen zijn ?"

„We hebben weinig omgang," zeide Betsy. „Maar... hij kent hier een zekeren Boom, dien hij met geld heeft bijgestaan."

„Voor zijn uitvinding zeker?" lachte de advocaat.

„Ja..." deed Betsy verbluft. „Maar dat mocht ik niet vertellen."

„Is het veel ?"

„Tweeduizend gulden."

„Altijd jammer. Uw man heeft het dan wèl getroffen."

„Is dat geld dan weg?"

„Zoo zeker als iets. Van de geheele bende acht ik dien Boom de gevaarlijkste. Weet u wat, laat meneer van Vleuten eens een dag vrijmaken en bij mij komen. Ik zal dan eens onderzoeken hoever hij de dupe is van dat volk, en zien op de voordeeligste manier voor hem te liquideeren."

Sluiten