Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toestemmend lachje, haar hand op Kolff's arm, verwijderde zich met hem.

Maar de dokter en de beide planters kwamen uit de voorgalerij op Nelly af, spraken van naar huis gaan. Ja, ze hadden mooi praten allemaal, voor hen was 't vroeg dag, morgen, zij waren maar arme bliksems van werkezels, 'n hoofdadministrateur, 'n resident konden 't leven wel makkelijker opnemen. Van Lent, die wat veel óp-had, flapte dat er allemaal uit in 'n toon van zure moppigheid, die Nelly 'n beetje onthutste. Zóó had ze haar aandringen om nog wat te blijven niet bedoeld. Doch de anderen ook liepen al terug naar de voorgalerij, mevrouw Van Houweningen was moe, verlangde naar huis en naar bed. Ze was bezorgd vooral om Carel, ze zag 't rondschichtigen van z'n oogen en hoe hij overal Henny Donker zocht. Maar correct, kwam die al heel gauw weer met Kolff achterom 't huis te voorschijn. Even, terwijl de koetsiers werden gewaarschuwd, zaten ze nog bijeen in de voorgalerij, dronken de heeren 'n laatste whisky-soda. Charlotte zag bleek, zóó moe ze was. Kolff zou blijven logeeren en pas den volgenden dag weer naar Djamboe vertrekken.

't Residents-rijtuig kwam voor en Kolff, zelfbewust, bood Henny Donker den arm en leidde haar 't bordes af.

En daarna reden met hoog en dor grintgeknerp de andere voor. De dokter was al verdwenen met z'n fiets. Er werd bedankt, afscheid genomen, vluchtig, omdat iedereen moe was. En als 't laatste rijtuig was weggereden, dan lag ineenen het lichte huis weer leeg en stil, leek de illuminatie in den tuin van 'n haastbelachelijke overbodigheid. Verlaten 't lange buiten-

Sluiten