Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X.

'n Picnic naar „Djamboe" — kondigde De Klerk aan, 's morgens om elf uur, toen hij van kantoor thuis en de voorgalerij binnen kwam. 't Had de laatste week dagelijks geregend en de herleefde tuin pronkte in verschen bloei, die berstte te voorschijn uit iederen boom, uit alle planten. De jasmijnstruiken schenen fluweelig oversneeuwd, de rozenperken een dichte wirreling van rose en mat thee-geel. Zwaar overtroste het rood en blank der bruidstranen 't bruggetje en in de groene koelte van het orchideeënhuisje daar blonk nu de pracht van bonte, lila en roomblanke bloemen. En de zachte melatie doorgeurde den zwaren jasmijnreuk, rozen lieten hun flauw-zoeten of fijn-kruiïgen adem ontsnappen de gezuiverde lucht in. 't Zonnebranden scheen ook voor de latere dag-uren getemperd door koele nacht- en morgen-regens: tot tien, elf uur bleven de krees wel open. Frisscher woei, bij 't dag-gloren, de ochtend-wind en Nelly zelfs verkoos in deze dagen een wandeling boven een rijtoer.

„Een picnic naar Djamboe?"

„En wanneer?"

Sluiten