Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XV.

Ze zaten nog aan 't ontbijt, als een huisjongen met een stem vol ontzag en 'n glimp van verbazing over z'n strakke, bruine tronie, de „njonja-residèn" aandiende. Wel golden in dit gewest niet de resident en z'n ambtenaarsstaf, maar de hoofdadministrateur van het V. T. S. en die van den N. I. T. als de allervoornaamste en meest-te-duchten heeren, doch de eeuwenoude, zorgvuldig aangekweekte en in stand gehouden eerbied voor alles wat een gegalonneerde pet draagt, leeft toch nog wel, vooral in de van Midden-java afkomstigen.

Nelly sprong op.

„Mevrouw De Waal.... zoo vroeg .... dan moet er wat bijzonders wezen."

In den doorgang van voorgalerij naar eetkamer bonsden ze, allebei even gezet in haar krakerige morgenjaponnen, de deftige residentsvrouw heelemaal uit de plooi, bijna tegen mekaar. En Nelly trok na 'n vluc.htig-lachend excuus haar bezoekster bij de hand de eetkamer binnen; die liet zich op den eersten den besten stoel neervallen, groette Amelie en Charlotte, die bij de tafel verbaasd keken om dat vreemde bin-

«74

Sluiten