Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zachtheid t geluk in huis kon brengen. Maar nee, ze wilde daar niet verder over nadenken, voor 't oogenblik tevreden nu Hec zoo wonderlijk was gered.

Ze mocht niet ondankbaar wezen.

's Avonds in huis terug, moest ze haar schrik en haar blijdschap uitstorten, vertelde ze 't geval aan haar man, al had ze zich voorgenomen het te verzwijgen. Maar ze voelde zich te vol ervan, kon 't gebeurtenisje niet bij zich houden.

Hij keek leelijk, gromde dadelijk, — en zonder naar haar relaas te luisteren, snauwde hij:

Hec, onder de trein waarom liet je de

hond niet hier.

— Hij is me achterna geloope kon er niks

aan doen.

Ja-ja, dat kenne we je kunt nooit wat

helpen .... wel duvels !

Ze wilde hem 't gansche geval uiteenzetten, maar hij bulderde al weer op haar los, snauwde:

k Zeg je nogeens.... 't is mijn hond, versta-je mijn hond. En daar kun jij afblijven. Bemoei ik mij met jou beesten, je katten, jekakatoes? Laat die overrijjen

Maar.... maarre, waagde ze te zeggen

ü oö

Sluiten