Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Waarom geldt voor de societeits- en logementsvergunning niet, voor de gewone wel, de bepaling dat geen verbinding mag bestaan met andere winkelnering, kappersbedrijf, lotenverkoop ?

Ziehier een aantal vragen, die men wel degelijk stellen kan zonder dwaas te doen.

Duidelijk blijkt hier weer wat al onbillijkheden men schept door uitzonderingsbepalingen in het leven te loepen. I^n ook dit: dat men door alles te willen regelen, allerlei onmogelijke toestanden schept. Men denke slechts aan de bepalingen voor de societeitsvergunningen gegemaakt ten opzichte van den inhoud van statuten en reglementen.

Lenvoud, ook bij wetten, is het kenmerk van het ware !

Artikel 10.

1. Door Ons, voor zooveel betreft den Rijksdienst of den provincialen dienst, en door Gedeputeerde Staten, voor zooveel betreft een anderen openbaren dienst, met uitzondering van dien eener gemeente, kan voor een bepaalden tijd toestemming worden gegeven, om eene bepaalde loealiteit, waarvoor eene vergunning is verleend, of die daarmede binnenshuis gemeenschap heeft, voor den openbaren dienst te gebruiken onder voorwaarde, dat tijdens het gebruik voor den openbaren dienst in die loealiteit geen sterke drank in het klein wordt verkocht.

2. Door Ons kan toestemming worden gegeven, om eene vergunning te verleenen voor eene loealiteit in een huis, toebehoorende aan het Rijk, eene provincie, eene gemeente of een waterschap.

3. De toestemming, bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt telkens voor niet langer dan vijf jaren verleend en kan te allen tijde worden ingetrokken. Intrekking geschiedt bij met redenen omkleed besluit.

We hebben bij de bespreking der bepalingen van art. 8 meermalen gewezen op de noodzakelijkheid om ten opzichte van meerdere gevallen dispensatie mogelijk

Sluiten