Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pen dat niet alleen de drankverkoopers, maar ook het publiek sterk tegen de wet is ingenomen. Deze artikelen vooral maakten de wet tot een voorwerp van spot en aanfluiting.

We hopen duidelijk te kunnen maken, dat de wet er geenszins minder, integendeel beter op zou worden, indien dit geheele gedeelte als ballast er uitgeworpen werd. De zaken, die men bestrijden wilde, zijn er niet mee verdwenen of hebben een anderen vorm aangenonomen. Maar veel last veroorzaakt men daar, waar het de bedoeling van den wetgever geenszins was.

Artikel 43.

1. Het is verboden, in eene voor het publiek toegankelijke localiteit, waarvoor door burgemeester en wethouders eene vergunning is verleend, personen beneden 16 jaar anders dan in gezelschap van een meerderjarige, en personen in kennelijken staat van dronkenschap toe te laten.

2. Door Ons kan ten aanzien van eene gemeente op voorstel van den gemeenteraad, Gedeputeerde Staten gehoord, ontheffing worden verleend van het bepaalde in het eerste lid, voor zooveel betreft het toelaten van personen beneden 16 jaar.

Jongelieden hooren niet in het café met vergunning, zoo spreekt de wet. Uit het café zonder vergunning zullen wij hen niet weren; maar sterken drank zien drinken, is het zien plegen van onzedelijkheid. Daarom stellen wij deze bepaling, wij drankwetgevers-zedemeesters van 1904.

Doch, werd hier en daar nog tegengeworpen, mijn zoontje maakt wel eens een fietstocht; als hij nu onder weg door den regen overvallen wordt en hij wil in de netste zaak van het dorp schuilen, in de herberg met vergunning, dan zou dit niet meer kunnen. En, zei de ander, mijn zoontje gaat buiten zijn woonplaats school;

Sluiten