Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar niet dachten, dat hij Juultje erom zou opgeven....

Van haar was 't 'n eindelooze .... tot ieder offer bereide dankbaarheid ... ., eerst omdat hij haar geholpen had, dan omdat hij, dien alle meisjes leuk vonden, met haar blééf, haar gekozen had uit allen .... omdat hij gezegd had, altijd te zullen blijven met haar, omdat hij voor haar 't bits gekibbel met Nel verdroeg.

In 'r jong, rijk zieltje, dat tot nu noch sterke, bewuste liefde gegeven, noch genoten had, had ze voor hem, haar held 'n stralenden tempel gebouwd. Hij was mooi.... mooi om z'n zachte oogen, om z'n stoere stevigheid, z'n jongenskracht. Als hij tenger en donker was geweest, had ze 'm daarom lief-gehad, nu had ze 'm lief, omdat hij forsch was en blond. Hij was knap. . . . en lief. ... en sterk .... hij was alles.... Er was niets buiten hèm ., . . als hij haar riep, zou ze komen.... wat hij vroeg van haar, zou ze doen .... nu en altijd.... Hij had gezegd, dat ze lief was .... dat ze mooi was — hij vond haar mooi....

Oude Kee en Juultje waren uit de breede straat van statige toehuizen in smaller winkelstraat gekomen, 't Was daar volzonnig en gezellig van namiddagwandelaars, die boodschappen deden, bedaardjes drentelend in de goede, milde zomerlucht. Moeders duwden er haar wagentjes met kraaiende kinders, en als ze 'n bekende ontmoetten, bleven ze staan, lachten trotsch-blij naar 't kleintje in rieten karretje, bekeken en vergeleken mekaars schatten.

Sluiten