Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de laatste zijn. Overal waar je komt, willen ze van je weten. Je bent bij Jehoediem, je voelt je thuis.

«'t Eene woord haalt 't andere uit. Over en weer weet je te vertellen. Mijn geschiedenis is zoo bijzonder niet, gebeurt alle dagen in onze streken. Dat lees je hier niet in de krant. Alleen als 't héél erg is ....»

«In Rusland,» in eens begon hij in verhaaltoon, «daar hadden we een groot huis in een klein dorp en we leefden er zoo stil, als een Jood, die vrede wil hebben, in Rusland móet leven. M'n jongens gingen niet school, 'k had een onderwijzer bij ze, óók een Jood. Ja, dat kun jelui je niet voorstellen .... tóch is 1t zoo .... in Rusland voelt een Jood zich nooit héélemaal veilig. Hoe 't in groote steden is, weet ik niet van, 'k spreek van 't platteland. Waarom ze er dan blijven? Er is daar tenminste ruimte en eten voor wie werkt. Hier wonen de menschen op mekaar en kijken ze mekaar de boterham uit den mond .... Daar niet.

Maar er is altijd iets iets ongedurigs 1t niet

weten of je morgen.... rustig Rousj-Hasjono vieren als u hier vanavond .... Nee .... nee .... nee .... altijd angst.... En dan is 't daar ook al winter.... en dan kan 't er waaien.... waaien.... Ver over 't land, de steppe, loeit dan de wind, en wolven soms in de verte hoor je ... .

«Mijn vrouw kon er zoo angstig van zijn en dan praatte ze maar van soldaten .... Nèt of er soldaten aankwamen, zei ze. Maar dat was de wind. Altijd over

Sluiten