Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

óver in t epische, en 't epische keert weer geleidelijk naar 't lyrische, maar z'n menschengroepen en karakters weet hij niet te beheerschen. Zijn wezens ziet hij niet onder een breeden horizon van massaal en eigen lijden en leven.

Hij geeft soms ontzaglijk veel figuren opeengedrongen en toch stuwt er geen leven door, trilt 't niet van innerlijk en uiterlijk beweeg. Vooral niet in Minnehandel.

Soms, op 'n enkele pagina, heb je 't gevoel dat 't zal komen. Dan zwelt de zin, 't sentiment, de rhytmus. De adem van t leven stijgt hooger; er vloeit ddn de golving van een breede lijn, 't breede landschap draagt hem er heen; nu zal 'n levenswijd gezicht volgen. Maar plots kantelt de visie, verzinkt z'n plastiek terug in details, laat hij de groote overweldigende lijn los, die 't geheel van 't groote leven omspant, duwt hij weer staal voor staal bijeen, in de hoop dat ook zulk opeenstuwen wel den massalen indruk zal geven. — Hij lijkt vergeten te hebben 't plan van z'n eigen opzet.

Wat titanisch leek, ligt verbrokkeld tot gruis.

Zeker staat de gebrekkigheid der konceptie in nauw verband met de dèn goede dkn slechte afwikkeling zijner psychologie.

De psychologie.

Sluiten